De zangers hebben al aardig wat danservaring bij Leine & Roebana opgedaan. Vooral de sopraan Claron heeft hun dansvocabulaire inmiddels vrij eigen gemaakt, stelt Andrea tevreden. Doordat Claron minder na hoeft te denken over de bewegingen kan ze vrijuit zingen.
Toch hebben de zangers nog wel moeite met het leren van de choreografie van Merg, met name de exacte opeenvolging van de bewegingen. “Gaat mijn linker- of rechter arm omhoog als ik mijn linkerbeen beweeg? Wanneer valt het andere been in? En waar komt de aanzet dan vandaan: vanuit de voet of de heup? Mijn arm, hoe komt hij naast mijn hoofd?” Zijn de vragen waar de zangers mee komen.
Deze vragen onderlijnen de essentie van Leine & Roebana’s dansidioom: de tegenstrijdige bewegingen met steeds een andere aanzet. Andrea laat Tim en Ederson de lastige bewegingsfrases uitleggen aan de zangers.
Als eerste maakt Tim een ronde jambe waarbij de linkerarm en –hoe tegenstrijdig- het rechterbeen van achteren naar voren draaien, waarna zijn rechterarm en rechterbeen samen een omtrekkende beweging maken en zo het lichaam een halve slag naar rechts draaien. Andrea knikt goedkeurend.
Ederson toont hoe het been in een soort attitude naar buiten draait vanuit de heup, het begin van het lichaamsdeel, waarna het been volgt. De hand die daarna via de heup naar het hoofd schiet begint echter niet vanuit het begin maar vanuit het het uiteinde van de arm -de hand zelf- en trekt de rest van het lichaam mee omhoog in een verticale lijn. Helena en Claron doen hun uiterste best om Ederson te volgen, die alle bewegingen stuk voor stuk markeert, net zolang totdat ze alles begrijpen.
Als alle dansers en zangers het stuk nogmaals doornemen roept Andrea hen nog wat aanwijzingen toe: “De bewegingen zitten er in, gebruik nu de ruimte! Beweeg groter!” Bemoedigend spoort ze de zangers aan, die nog wat moeilijk kijken en ietwat lacherig doen. Het gaat al stukken beter.

Categorieën: Moderne dans
Zwaartekracht
De sfeer in zaal 235 is goed; ongedwongen maar uiterst geconcentreerd wordt er aan Merg gewerkt. Leine en Roebana nemen in het midden van de zaal een paar scènes met de dansers en zangers door. Wie niet aan de beurt is kijkt geïnteresseerd toe vanaf de zijkant, in stilte rekkend op de vloer.
Als er een rond wagentje naar binnen wordt gereden houdt iedereen meteen op waar hij mee bezig is. Met argusogen bekijken de aanwezigen het metalen wagentje van ongeveer een meter hoog. Bovenop zijn twee skischoenen bevestigd.
Zonder enige aarzeling klimt Ederson op de constructie en bindt als een Houdini zijn voeten vast in de skischoenen. Ondanks dat het wagentje is verzekerd met gewichten, dreigt het toch te gaan kantelen als Ederson zijn gewicht verplaatst. Uit voorzorg gaat Alba met haar hele lichaam aan de achterkant hangen. “What are you doing, are YOU his counterweight?” vraagt Harijono verbaasd lachend aan het vederlichte meisje.
Alle ogen zijn op Ederson gericht als hij voorzichtig met zijn bovenlichaam begint te bewegen. Zijn armen en torso maken steeds grotere zwaaien en langere uithalen, afgewisseld met enkele capriolen. Doordat zijn voeten aan het wagentje zijn verankerd kan hij, de zwaartekracht tergend, naar voren en opzij hangen. Hoever kan hij gaan? Geleidelijk worden Edersons bewegingen gecontroleerder en vloeiender.
Het wagentje blijft staan en het publiek haalt opgelucht adem. Maar de beide choreografen willen 100% zekerheid. Harijono probeert met Ederson uit hoe ver hij naar voren kan leunen -met zichzelf als levend vangnet- totdat het wagentje tilt. Ederson houdt zijn lichaam in een rechte lijn en helt schuin naar voren. Hierna kromt hij zijn rug en buigt naar beneden zodat zijn hoofd zijn knieën raakt. Het wagentje geeft geen millimeter mee. Met een rood hoofd en een triomfantelijke blik in zijn ogen komt Ederson weer omhoog: de constructie werkt!

Vurig verlangen
Staand op de metalen constructie, verborgen onder een lang kleed van zijn middel tot de grond, heeft Ederson een imposante bovenmenselijke verschijning. Met zijn verlengde onderlijf rijst hij hoog boven Helena uit, die vlak voor hem staat. De forse zangeres oogt nu klein en breekbaar.
Helena zingt een intense melodie die klimt en daalt. Hoger en hoger gaat haar stem net zolang totdat ze Ederson raakt. Hij reageert op haar muziek; beweegt de ene keer licht en snel, dan weer langzaam en gedragen. Voorzichtig, met zachte omtrekkende bewegingen met zijn bovenlijf zoekt hij toenadering tot de zangeres. Dansend als een fakkelvlam draait hij om haar heen, warm en liefdevol. Zijn armen likken als vuurtongen aan haar lichaam en strelen haar haren. Een warme gloed komt van hun beiden; zang en dans smelten samen.
Categorieën: Moderne dans